|
Leven
en werk van Julian of Norwich
Julian of Norwich wordt gezien als een van de grootste
Engelse mystici. Er is heel weinig van haar bekend. Zelfs
haar naam is niet bekend. Haar naam komt van de Church of
St Julian in Norwich, waar ze een eigen ruimte had om zich
terug te trekken voor gebed en stilte. Toen ze dertig jaar
oud was werd ze ernstig ziek. Ze dacht dat ze stervende was,
en beleefde een aantal sterke visioenen. Deze visioenen zouden
de basis vormen van haar latere werk, Sixteen Revelations
of Divine Love (circa 1393). Dit boek wordt beschouwd als
het eerste Engelstalige boek dat door een vrouw geschreven
is. Julian werd bekend in heel Engeland als een spiritueel
figuur. Een andere bekende Engelse schrijfster uit die tijd,
Margery Kempe, vermeld dat ze Julian bezocht heeft voor een
gesprek.
Julians theologie kenmerkt zich door een groot optimisme.
Ze sprak over God in termen van geluk en compassie, en niet
in termen van wetten en plichten. Julian zag het lijden niet
als een straf van God, maar als een manier van God om ons
dichter bij Hem te brengen. Hierin week zij af van de heersende
opvattingen van haar tijd, waarin plagen zoals de Pest gezien
werden als een straf van God.
Julian beschreef God en de Drie-Eenheid in alledaagse termen,
en ze vergelijkt Hem met een moeder, die wijs, liefdevol en
vergevingsgezind is. Ze gebruikt allerlei metaforen van het
moederschap voor het werk van God, zoals conceptie (schepping),
verzorging en opvoeding.
Haar bekende uitspraak, "Sin is behovely (nuttig, noodzakelijk),
but all shall be well, and all shall be well, and all manner
of things shall be well", is een uitdrukking van haar
optimisitsche theologie. Deze uitspraak heeft grote bekendheid
verworven en werd keer op keer weer geciteerd, onder andere
in T.S. Eliot's "Little Gidding", in de vierde van
zijn Four Quartets.
|